Personen met een AWBZ-indicatie voor zorg zonder verblijf, die vermoedelijk vanaf 2015 in aanmerking zouden komen voor Wlz-zorg.

Het ging om personen met zorg met éen of meer van de volgende kenmerken:

  • Meer dan 18 dagdelen zorg per week.
  • Intensieve kindzorg bij meervoudig complexe beperking.
  • Minimaal 8 dagdelen behandeling groep (grondslag verstandelijke handicap).
  • Kortdurend verblijf.
  • Individuele zorg van 25 uur of meer per week (grondslag lichamelijke handicap).
  • Individueel verpleegkundig toezicht thuisbeademing.

Deze zogenaamde Wlz-indiceerbaren konden van 1 januari 2015 tot 1 juli 2017 aanspraak blijven maken op de zorg die zij vóór 2015 kregen. Dit was het overgangsrecht. Een herindicatie door het CIZ bepaalde of zij ook daadwerkelijk een Wlz-indicatie kregen.